|
>
.02 > .01 .00 > .99 |
|
|
>
.02 .02 > .01 |
Grafische vormgeving/techniek
De seconde van Ron van Roon Fontlicenties en de kleine lettertjes Laissez-passer (nieuwe paspoort) |
|
>
.05 .04 .03 .02 .02 .01 |
|
|
>
.05 .03 .03 .01 .01 .01 |
|
|
>
.01 .00 .99 |
|
|
>
.02 .01 .00 |
|
|
>
.98 |

De omslag van Arnon Grunbergs Fantoompijn
|
>
2002 > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > > |
>
De seconde van Ron van Roon > Voor grafisch ontwerper Ron van Roon is een boekomslag pas echt geslaagd als het tussen de vlekken in de boekhandel eruit springt. Tussen het visuele lawaai een signaal geven, al duurt het maar een seconde. > Er zijn in Nederland slechts een handvol grafisch ontwerpers die zich hebben gespecialiseerd in boekomslagen. Sla een paar romans open en je ziet vaak dezelfde namen voorbijkomen. Ook Ron van Roon is nu een veelgevraagd boekomslagontwerper, maar hij heeft aan den lijve ondervonden hoe moeilijk het is om er tussen te komen. Ooit droomde hij ervan om omslagen te ontwerpen, maar kreeg hij geen voet tussen de deuren van de uitgeverijen. Via een vijfjarige tussenstop als maker van leaders bij de NOS kwam Van Roon uiteindelijk terecht waar hij zijn wilde. Achteraf bezien is die periode bij de NOS een vruchtbare bodem gebleken voor zijn visie op grafisch ontwerp en het boekomslag in het bijzonder. Volgens Van Roon kan hij nu zoveel beter omslagen maken doordat hij met het aspect tijd heeft leren werken. Hoe kun je kort en krachtig iets vertellen in een seconde of twee, drie, vier en hoelang kun je blijven boeien zonder weggezapt te worden. Dit besef blijkt niet alleen te gelden voor leaders, maar ook voor de uitgestalde boeken in de boekhandel. Een cover moet onmiddellijk pakken als iemand zijn oog er een seconde op laat rusten, zo vindt Van Roon. Daarbij gaat hij steeds uit van het ergste geval. Stel, zegt hij. Je bent verkouden, te laat, je hebt je handen vol boodschappentassen en je wilt nog snel even een krant halen. Ook in die ellendige situatie wil ik proberen om tussen het visuele lawaai in de boekhandel een signaal af te geven, al duurt het maar een seconde. Van Roon bezoekt regelmatig een cd-winkel om te zien hoe alles lekker door elkaar zit te blèren. Heerlijk om te zien. Boeken en cds hebben immers hetzelfde probleem: ze moeten opvallen tussen de rest. De drukte van boekhandelketens als Bruna en AKO kan hem echter niet bekoren. Dat zijn geen boekhandels meer, dat zijn tijdschriftenwinkels. Als die man of vrouw achter de kassa affiniteit met boeken heeft dan weet ie dat soms nog leuk neer te leggen, maar over het algemeen zijn het gewoon campingtafeltjes met een lakentje er overheen. Armoedig. Het is toch erg dat de uitdrukking de betere boekhandel moet bestaan. Er is maar één boekhandel en dat is een goeie. Zo moet het eigenlijk, maar daar kun je natuurlijk niet van uitgaan. In Uppieveen is ook een boekhandel. Ik kom natuurlijk nooit in Uppieveen, maar als ik dan met vakantie ben stap ik echt meteen zon boekhandel binnen om te kijken of de nieuwe boeken daar al liggen. Ooit zocht ik in zon boekhandel een boek van Dominee Gremdaat waarvoor ik het omslag had ontworpen. Bleek het boek op de afdeling religie te staan. > Irritatie-element Niks staat vast, leerde Van Roon op de academie en dat uitgangspunt hanteert hij nog steeds voor de posters, illustraties en boekomslagen die hij maakt. Als je tussen al die vlekken in een boekhandel eruit wil springen, dan moet je je iedere keer blijven afvragen: wat ben ik aan het maken? Ik vind ook erg belangrijk dat het niet op elkaar gaat lijken. Er moet diversiteit zijn. Dus ik heb geen potje jus in de keuken dat ik over elke maaltijd gooi. Ieder boek is uniek en ieder omslag is ook uniek. Soms botst dat wel eens met de ideeën van een uitgever. Dan merk ik dat hij juist wel als de anderen eruit wil zien. Willen ze toch kort door de bocht: een foto, een tekstje erboven en klaar. Soms kan Van Roon zich juist wat meer vrijheid veroorloven doordat er een omslag voor een bekende auteur moet worden ontworpen. Voor het boek Fantoompijn van Arnon Grunberg waagde hij het om alle tekst te zetten uit pietepeuterige kapitalen. Van Roon: Ik vind het toch wel leuk om bij zon grote auteur als Grunberg een irritatie-element in te lassen. In dit geval waren dat die 12 punts kapitalen. Geen enkele uitgever doet dat. Meestal willen ze juist lekker groot. Alsof zijn verhaal over opvallen en eruit springen nog niet duidelijk was geworden, toont Van Roon zijn omslagontwerpen voor de boeken van de Vlaamse enfant terrible Paul Mennes. Het zijn inderdaad echte knallers waar de tegendraadsheid vanaf spat en het gekke is dat je ze op een bepaalde manier ook sober zou kunnen noemen. Het mooiste is natuurlijk een wit boek, gewoon helemaal niks erop, zegt Van Roon. Zoals de witte hoes van de Beatles. Maar zoiets kan niemand meer doen natuurlijk. Boekomslagen moeten verrassen, prikkelen en iemand kunnen ráken, vindt Van Roon en wat hem betreft kan het ontwerpen van boekomslagen gerust onder de noemer beeldende kunst worden geschaard. Van Roon: Ik heb ooit in een radio-interview met andere ontwerpers gezeten. Ik was de enige die zei dat een boekomslag beeldende kunst is. Voor mij is een boekomslag hetzelfde als een schilderij in het Stedelijk. Als het een interessant omslag is, kan het ontstijgen aan het ambacht. Nou, daar is men uiterst huiverig voor. Ik zie helemaal geen verschil; ik maak mijn omslagen met hetzelfde enthousiasme als een schilder. De eis is dat het je moet raken en dat kan voor zowel beeldende kunst als boekomslagen gelden. > Ruimtelijk ding De voorzijde van de cover mag dan bepalend zijn, maar een boek heeft natuurlijk meer kanten. Opmerkelijk genoeg zegt Van Roon niet geïnteresseerd te zijn in wat er gebeurt als mensen zijn boek oppakken in de boekhandel. Als iemand het boek al oppakt, heb ik mijn taak volbracht, zo luidt zijn redenering. Dat wil niet zeggen dat hij de rug en achterflap onbelangrijk vindt, maar nieuwe wegen worden eigenlijk niet ingeslagen. Van Roon: Die paar keer dat ik met de achterflap iets wilde doen, is bijna altijd op niks uitgelopen. Ik zou met die achterkant nog veel meer willen experimenteren, maar daar krijg ik simpelweg de ruimte niet voor. Probeert hij met de rug niet alle boeken liggen immers plat hetzelfde uitspringeffect te bereiken als de voorkant? De rug is natuurlijk een gevolg van wat er op de voorkant gebeurt, legt Van Roon uit. Het belangrijkste vind ik dat het boek één geheel is. De voorkant, de achterkant en de rug moeten dezelfde wereld zijn. Het moet kloppen. Niet alleen qua lettertype, maar ook qua opvatting. Ik zie een boek als een ruimtelijk ding. Het mag niet zo zijn dat het alleen om de voorkant gaat. Gek genoeg verzorgt Van Roon nooit het binnenwerk van een boek, maar hij lijkt daar niet om te treuren. Het zou de uitgever een hoop geld kosten om iedere keer iets nieuws te laten ontwerpen. Daarom heeft men een format bedacht die standaard door de huisontwerper of drukkerij uitgevoerd kan worden. Zolang die opzet goed in elkaar zit is daar niets mis mee, al vind ik dat de titelpagina vaak anders zou kunnen. En eerlijk gezegd stop ik liever al mijn energie in het omslag. Ik vind het binnenwerk wel belangrijk, maar het heeft een andere functie. Je moet het gewoon goed kunnen lezen. > Best verzorgde boeken Sinds vorig jaar zit Ron van Roon in de jury van de Best verzorgde boeken. Tussen de regels van het gesprek schemert door dat hij het lastig vond om met de overige juryleden op één lijn te komen. Van Roon: Begrijp me goed; het is niet zo dat ik alles als heavy moet ervaren. Ik neem maar weer die witte hoes van de Beatles als voorbeeld. Als zon boek op tafel ligt bij de best verzorgde boeken, dan wil iedereen dat zien. Daarmee kun je dus ook herrie maken. Maar goed, je probeert toch met zn allen achter een keuze te staan. Als er één jurylid iets niet ziet zitten, dan gaat het niet door. Het BNO boek was bijvoorbeeld geen gemakkelijke keuze dit jaar. Het is een discutabele uitgave en daarmee in mijn ogen meteen ook een interessant product. De helft van de juryleden vond het lawaaipapegaai. Ik was van mening dat het wat betekenen mocht. Als je het ergens vanuit de tram ziet liggen, mag het iets met je doen. Dus het is of een wit ding, of het is een kermis. Ik pleitte ervoor om in godsnaam dit soort ontwerpen te ondersteunen. Die prijs moet stimuleren en spraakmakend zijn, vind ik. Pas geleden ben ik naar de Frankfurter Buchmesse geweest. Daar hebben ze de best verzorgde boeken van heel de wereld in een hoekje gedouwd en het valt me toch op dat de Nederlandse inzending spraakmakend en inspirerend is. Uit de verte in de hal zie je al: hé, dat is een raar hoekje. Als je dat bijvoorbeeld vergelijkt met de best verzorgde boeken van Finland. Nou, daar gaap ik doorheen. En tot slot: hoe beoordeelt Van Roon de kwaliteit van het boekomslag in Nederland? Het niveau is wel een stuk beter geworden, zegt Van Roon. Men is zich bewuster gaan worden van omslagen, al vind ik de ene uitgever consequenter en beter in zijn art direction dan andere uitgevers. De boeken van Vassalucci zijn bijvoorbeeld heel herkenbaar. Het leuke daarvan is dat het altijd dezelfde ontwerper is die het maakt, maar je ziet dat hij ook niet één soort potje jus heeft staan. Hij bekijkt het iedere keer weer van een andere kant. Nou, dat vind ik een compliment waard. > - - - > > > > © Gerard Voshaar 2002 |